‘Relaties en reacties’ is het thema van de Lichtspoordag 2026. Hoe ga je als pastoraal bezoeker om met de veranderingen in de relaties van degene die je bezoekt? Een van de sprekers is ds. Chris van Andel, emeritus predikant en ouderenbezoekwerker in Amsterdam. ‘Ik geef pas mijn mening als iemand zelf vraagt wat ik ervan vind.’
Na uw emeritaat bent actief gebleven in het ouderenpastoraat van de Jeruzalemkerk in Amsterdam en in Nieuw-Vennep. In hoeverre zijn nieuwe (liefdes)relaties een thema bij de ouderen die u bezoekt?
‘Ik ben het thema een paar keer tegengekomen. Zo heb ik twee keer een huwelijk bevestigd van twee mensen op leeftijd. De ene keer een weduwnaar die met een weduwe getrouwd is, de andere bruiloft was van een weduwnaar die trouwde met een mevrouw die alleen gebleven was. Het punt is: hoe kijken de kinderen ertegenaan? Als dit niet open besproken wordt, zijn kinderen geneigd de nieuwe liefde in de plaats te stellen van hun moeder of vader. Dat de nieuwe liefde niet in de plaats komt van de oude, maar erbij komt, moet duidelijk zijn voor het stel zelf, maar ook voor de kinderen. Ik vind het een goed teken als ik zie dat bijvoorbeeld de foto’s van de overleden partners naast elkaar op het wandmeubel staan.’
Welke rol kan je als pastoraal bezoeker spelen bij het omgaan met de reacties hierop?
‘Er heeft nooit iemand aan mij gevraagd wat ik van zijn of haar nieuwe relatie vond. Zo’n relatie ontstaat net als bij een jong stel: deze mensen zoeken het zelf wel uit. Als pastoraal bezoeker probeer je erachter te komen wat de verwachtingen zijn. Als bezoeker moet je je bewust zijn van je vooroordeel dat je kunt hebben bij de gedachte ‘Is dit nu wel zo’n goede match?’. Zo’n vraag kan in je opkomen maar moet je niet stellen. Probeer te delen in het geluk dat deze mensen voor zich zien. Die luisterhouding is uitermate belangrijk. Het is niet jouw keuze, maar die van hen. Je moet je dus als het ware ‘bevrijden’ van je oordeel over de situatie. Het kan wel zijn dat jou naar je mening wordt gevraagd. Die kun je dan in alle wijsheid, voorzichtigheid, maar ook in alle eerlijkheid geven.’
Waarom is die luisterhouding belangrijk?
‘Laat ik een voorbeeld geven. Mijn eigen vrouw is ruim vijf jaar geleden overleden. Ik ben blij dat ik in mijn pastoraat bij mijn weten nooit gezegd heb ‘ja, dat begrijp ik’ als iemand vertelde over het leven als alleenstaande na het verlies van zijn of haar geliefde. Want je kunt het niet begrijpen als je zelf niet in die situatie verkeert. Iedereen beleeft dat ook anders. Je wilt de ander nabij zijn in de strijd, in het verdriet en het gemis.’
Heeft dat verlies gemaakt dat u uw rol als pastor anders beleeft?
‘Ik denk dat de gesprekken aan diepgang gewonnen hebben, zonder dat ik dat nu als een direct gevolg zie. Ik dacht wel: als de emotie in gesprekken mij te veel wordt, dan stop ik ermee, want dat zal ieder kunnen begrijpen, maar daar zit niemand op te wachten, een huilende dominee tegenover je. Maar zo is het niet gegaan. Ik bezoek veel alleengaande mensen. Mensen zien mij nu bij voorbaat als een soort lotgenoot, die weet waar hij het over heeft. Als je geliefde kortgeleden overleden is, dan vragen veel mensen in die beginperiode hoe je die laatste maanden hebt ervaren en kun je je verhaal doen. Maar na enige tijd krijg je die vraag niet meer, maar voor jouzelf is het nog altijd als gisteren, ook al is het al vijftien jaar geleden. Ik vraag daar dus naar. En ik merk dat mensen dat zeer kunnen waarderen. Het kunnen vertellen over de periode van overlijden en de begrafenis is van zeer groot belang, is mij gebleken. Mijzelf is weleens gevraagd of ik weleens dacht aan een nieuwe relatie. Zo’n vraag vind ik heel ongemakkelijk. Want voor mij was mijn vrouw de grote liefde, ik heb geen enkele behoefte aan een andere relatie. Maar voor anderen kan het heel natuurlijk zijn om, bijvoorbeeld tijdens een vakantie, iemand te ontmoeten met wie er een relatie ontstaat.’
De ondertitel van de Lichtspoordag is ‘Hoe levenservaring je manier van verbinden kleurt’. Waarom is die rol van levenservaring zo belangrijk?
‘De mens is een product van zijn of haar geschiedenis, om het simpel te zeggen. In de tijd die achter je ligt heb je, als het goed is, wat wijsheid geleerd. Dat kleurt je verbindingen. Die levenservaring kan negatief zijn, maar als we uitgaan van positieve ervaringen, dan zal dat vertrouwen het aangaan van nieuwe relaties kleuren. Na de roze wolk ontdek je ook de dingen die niet zo positief zijn aan de ander. Het helpt als je geleerd hebt om te investeren in de relatie om tot verdieping te komen. Die houding kleurt dan ook de tijd die komt als je alleen komt te staan. Als je dan een nieuwe relatie aangaat, is het belangrijk om die negatieve karaktereigenschappen – die iedereen immers heeft - open te bespreken. Dat helpt om op een positief-kritische manier naar een nieuwe relatie te kijken.’
‘Relaties en reacties’ kun je ook breder trekken dan alleen liefdesrelaties. Ouder-kindrelaties spelen ook een rol in ouderenpastoraat. Hoe kun je daar als pastoraal bezoeker ouderen in ondersteunen?
‘Als pastoraal bezoeker kun je ouderen van advies dienen. Ik denk aan een alleenstaande moeder die geen contact meer had met haar zoon. Ik stimuleerde haar om op zijn verjaardag een kaartje te sturen. Maar de kaarten werden teruggestuurd, dus daar is ze mee opgehouden. Mijn advies is altijd: probeer trouw te blijven. Pleeg een telefoontje of stuur een kaartje. Probeer van jouw kant het contact te behouden. Sommige mensen zeggen: als mijn kind niet wil, dan houdt het op. Maar het is toch je taak, net zoals de vader uit het verhaal van de verloren zoon, om trouw te blijven en je kinderen in je hart te blijven meedragen, welke weg ze ook gaan. Ik heb ook weleens in het begin van mijn predikantschap contact gelegd met een dochter op verzoek van haar moeder, zonder dat aan die dochter te melden. Dat ging maar net goed. Daar heb ik mij ook nooit meer toe geleend, tenzij ik bij het maken van de afspraak open vertelde hoe de vork in de steel zat.’
Wat is je kompas als je wel een oordeel uitspreekt over iemands relatie?
‘Het is voor mij altijd belangrijk dat iemand zelf eerst vraagt wat ik ervan vind. Dan kun je proberen, in wijsheid, daarop te reageren. Het komt weleens voor dat iemand vertelt contact te hebben met iemand die niet kerkelijk betrokken is en daarover zegt: misschien is hij of zij wel op mijn pad gebracht zodat diegene ook tot geloof komt. Daar geloof ik niet zo in. Dat is volgens Paulus ook niet naar Gods bedoeling. Ik vraag dan bijvoorbeeld welke rol het geloof speelt iemands eigen leven. Want als je die derde dimensie in je leven niet met elkaar deelt? Daar zou ik het in alle voorzichtigheid wel over hebben. Je hebt immers het geluk van iemand voor ogen. Dus dan stel ik vragen zoals: wat als diegene niet tot geloof komt? Hoe zou je daarmee omgaan? Zo probeer ik dichtbij te blijven. Trouw zijn in het pastoraat betekent ook dat je hier met de ander niet eenmalig over praat, maar dat je bijvoorbeeld vraagt: zullen we hier over een paar maanden nog eens over doorpraten? Iemand daadwerkelijk terzijde staan is heel belangrijk. Als je maar één keer per jaar met zo’n gemeentelid een pastoraal gesprek hebt, is dat een druppel op een gloeiende plaat. Pastoraat betekent blijvende aandacht.’
Tekst: Nels Fahner
Meer weten? Meld je hier aan voor de Lichtspoordag op zaterdag 7 november over ouderenpastoraat, met Chris van Andel en Maaike de Goei-Jansma.