Opiniebijdrage van Jurjen de Groot, operationeel directeur IZB, naar aanleiding van de zendingsconferentie in Arusha, Tanzania.
Als de kerk al aandacht heeft voor gemarginaliseerden, dan blijft het vaak van buitenaf, vanuit de hoogte.

Waar zijn in de Nederlandse kerken de mensen uit de marge? Hoe kijken we naar hen? Welke rol vervullen ze?

Die vragen borrelen bij me op als ik terugdenk aan de zendingsconferentie van de Wereldraad van Kerken, eerder deze maand in Arusha (Tanzania). In het slotdocument ‘Een oproep tot discipelschap’ krijgen de ‘gemarginaliseerden’ veel aandacht, misschien wel meer dan een welgestelde blanke West-Europeaan lief is.

Verfrissend

Ik voelde me er als een vis in het water, terug in Afrika.

Van 2006 tot 2012 heb ik voor de protestantse zendingsorganisatie GZB in Kenia gewerkt. Na vijf jaar werken in Nederland, vond ik het een verfrissende ervaring om hier op zondagmorgen een lokale kerk te bezoeken. Een kerk onder een open hemel. De mist van de secularisatie en het individualisme lijken weinig invloed te hebben op het geloofsleven van de leden.

De kerk op het zuidelijk halfrond is springlevend en stelt scherpe, actuele vragen. Bijvoorbeeld over de plek van gemarginaliseerden in de samenleving.

Ik ken mensen die heel gauw klaar zijn als ze in één zin horen spreken over de Wereldraad van Kerken en de talloze verschoppelingen van deze wereld. Ze denken aan de bevrijdingstheologie, met foute aannames, als zou Christus alleen te vinden zijn in de marge.

Levende Heer

Maar die vlieger gaat hier niet op. Ik vond het juist een verademing, dat het discipelschap waartoe werd opgeroepen, sterk werd verbonden met een concentratie op Christus. ­Waarbij Hij niet als een metafoor verdampt in ijle, theologische constructies, maar als de levende Heer oproept Hem te volgen. ‘Zoals U Mij in de wereld gezonden hebt, heb ook Ik hen in de wereld gezonden’ (Johannes 17).

Een bekende Zuid-Afrikaanse missioloog, David Bosch, heeft in de jaren negentig van de vorige eeuw de uitdagende stelling geponeerd, dat zending en evangelisatie altijd vanuit de marge beginnen. Jezus werd ‘in de marge’ geboren en kwam vanuit de marge naar ons toe. God werkt vanuit de marge, aldus Bosch.

Een echo daarvan klonk in Tanzania. Wat betekent dat voor evangelisatie en zending?

Sommige kerken van het zuidelijk halfrond geven daarop een radicaal en wat mij betreft ‘voorbeeldig’ antwoord. We zijn er niet alleen vóór de gemarginaliseerden, we zijn er eerst en vooral mét hen.

Dat betekent concreet dat de armen gewoon meedraaien in de organisatie van de voedselbank, in de maaltijdprojecten van de kerk. Gemeenteleden verzamelen samen met de outcasts kartonnen dozen; gezamenlijk maken ze de soep die wordt gedeeld.

Weglopen

We kunnen er met waardering en bewondering naar kijken. Maar laten we dan niet weglopen voor de vraag die dit tafereel op ons bord legt: welke plek hebben de gemarginaliseerden van ónze samenleving in ónze traditionele kerken?

Als er al aandacht voor hen is, zijn we dan niet vooral bezig activiteiten vóór hen te organiseren? Op welke wijze kunnen we hen laten participeren in ons missionaire werk? En geeft de visie van Bosch en van die zuidelijke kerken niet een mogelijkheid om Jezus Christus op een nieuwe manier te ontmoeten?

In onze zoektocht naar revitalisatie van onze kerken zou een heroriëntatie op Jezus vanuit de marge verfrissend zijn.

Nico van Splunter, missionair pionier in Spangen, zei onlangs: ‘Als je begint bij de kerk die iets wil bieden voor de wijk, creëer je onbedoeld van meet af aan een ‘wij-zij’-verhouding. Jij gaat iets doen voor hen – in het ergste geval is dat dan iets waarvan jij vindt dat ‘zij’ dat nodig hebben.

Maar zelfs als ik me mateloos populair zou maken door iedere week gratis soep uit te delen, doe ik toch nog iets niet goed. Want zo wordt de geloofsgemeenschap nooit iets van henzelf.

Eigen omgeving

Dus: wij beginnen niets zonder de mensen in de wijk daarin te kennen en hun te vragen met ons mee te denken. Als je bij de ‘vraag’ begint, heb je altijd meteen buurtbewoners die bereid zijn zich ervoor in te zetten.’

Met het voorbeeld heb ik de vraag al dichter bij huis gehaald. Maar daarmee ben ik nog niet bij mijn eigen stad, mijn eigen kerk. Welke rol spelen de gemarginaliseerden daar?

U dacht toch hopelijk niet dat die er in uw omgeving niet zijn?

(ook gepubliceerd in het Nederlands Dagblad, 27 maart 2018)

Deel dit nieuws: Twitter Twitter Google E-mail

Schrijf je in voor de IZB nieuwsbrief