De hele dag thuis zijn in coronatijd, het kan soms best eenzaam voelen. Zeker als single. Valérie en Jacco uit Amersfoort vertellen erover, en ook wat de gemeente daarin voor hen betekent. ‘Ik heb nu huisgenoten en heel af en toe eten we samen. Dat lijkt iets kleins, maar het heeft zo’n verschil gemaakt in hoe ik deze tijd beleef.'

‘Toen door de coronacrisis de lessen van mijn opleiding uitvielen, mijn stage tijdelijk werd stopgezet en ik minder met mensen kon afspreken, vond ik dat erg lastig’, vertelt Valérie. ‘Ik merkte dat ik steeds pessimistischer werd, omdat ik niet wist hoe lang het ging duren. Daar kwam bij dat ik het lastig vond om voor mezelf te erkennen dat ik deze tijd moeilijk vond. Want ik was toch gezond en financieel had ik nergens last van? Ik weet dat je nooit moet vergelijken, maar dat deed ik wel. Ik belde een keer met gemeentelid Janneke en vertelde haar dat het niet zo lekker ging. Dat luchtte echt op. Het helpt om er eerlijk over te zijn dat het moeilijk is. Janneke en Teus hebben achter hun een woning een huis waar mensen tijdelijk kunnen verblijven als ze een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Er stond een kamer leeg en zij zei: “Joh, je mag er tijdelijk intrekken. Dan heb je huisgenoten.” Dus nu heb ik huisgenoten en heel af en toe eten we samen. Dat lijkt iets kleins, maar het heeft zo’n verschil gemaakt in hoe ik deze tijd beleef. Dat is wel een keerpunt geweest voor mij. Gelukkig mocht ik op mijn stageplek ook weer verder. Daardoor ben ik meer onder de mensen en dat scheelt ook. Want bijna niemand zien en niet weten hoe lang het duurt, dat voelt wel eenzaam. Omzien naar elkaar en het feit dat ik een plek kreeg aangeboden, dat zie ik echt als gemeente-zijn.’

Ook voor Jacco zijn contacten met gemeenteleden waardevol in deze tijd. ‘Bij mij wisselt het een beetje hoe het gaat. Soms voel ik me ook wel eenzaam. Normaal gesproken heb ik mijn avonden volgepland. Doordeweeks nog even naar vrienden en zeker in het weekend. Dat is nu veel minder geworden. Wat bij mij echt geholpen heeft, is dat er een bevriend stel in de kerk zit, die een beetje als familie zijn geworden. Zij zeiden: “Als we allemaal gezond zijn en geen symptomen hebben, dan ben je hier gewoon welkom. Daar ga ik nu wekelijks op bezoek en dat is echt super fijn. Dan merk ik dat het prettig is om even mensen te zien. Mijn ouders zijn al wat ouder en zitten in de risicogroep, dus daar ga ik niet op bezoek. Ik ben blij dat ik werk heb. Daarmee zijn mijn dagen behoorlijk gevuld. Ik overleg veel met collega’s, dus dan heb je toch nog een beetje aanspraak. In het begin van de coronacrisis, was ik soms best zenuwachtig. Stel dat ik heel heftig ziek word, dan zit ik helemaal in mijn eentje. Wie moet ik dan om hulp vragen? Die gedachte heeft iedereen natuurlijk wel eens, maar als alleenstaande ben je de hele tijd alleen. Ik had een mooi moment in de kerk. Ik was daar als vertaler, om te vertalen voor het geval dat er een Engelstalige persoon naar de kerk zou komen. Er kwam niemand, maar het was voor mij een goed excuus om toch in de kerk te zitten. De wijkouderling belde me een keer om te vragen hoe het met me ging. Dat stelde ik erg op prijs. En afgelopen week hebben we online de jongerenkring gehouden. Daar was op dat moment veel behoefte aan. Veel kringleden gaven aan dat ze hun leven op het moment toch wel heel saai vonden. Ik accepteer dat ik me zo nu en dan eenzaam voel. Dat hoort erbij. En er zijn ook mooie kanten. Dat de zon nu zo veel schijnt bijvoorbeeld.’

 

Deel dit nieuws: Twitter Twitter Google E-mail

Schrijf je in voor de IZB nieuwsbrief