Zoek

‘Je moet in de wereld van campinggasten durven stappen’

‘Je moet in de wereld van campinggasten durven stappen’

Soms gaat Carolien Antes-Heijkoop op de camping even ‘een blikopener lenen’ bij de buren. Om weer nieuwe contacten te leggen. Zij en haar man David zijn in de zomer van 2015 begonnen als campingpastors op De Drecht in Leimuiden. Ze hebben er inmiddels een caravan gekocht, zodat ze nog meer deel kunnen uitmaken van het campingleven. Nee, ze staan niet op een zeepkistje het evangelie te verkondigen. ‘Het woord “God” wordt vaak niet eens genoemd. Maar we stellen wel prikkelende levensvragen.’

11 maart 2020 - door Tineke van der Zwaag

Het antwoord op de vraag wat je moet kunnen of doen als campingpastor is voor Carolien heel simpel: ‘Zonder oordeel in contact met mensen treden. Ik kom niet om mensen te overtuigen dat ze in God moeten geloven, ik kom als Carolien, die in God gelooft. En ik deel graag mijn leven.’

David (36) is manager in de kinderopvang en Carolien (32) werkt bij een welzijnsorganisatie. Ze zijn de ouders van Sofia (4) en Joshua (2). Ze begonnen ooit bij Dabar (IZB), het missionaire werk op de campings, met name onder jongeren. Omdat ze ook graag volwassenen wilden bereiken, gingen ze zich op het campingpastoraat richten. Zo kwamen ze terecht op camping De Drecht in Leimuiden. Een typische volkscamping met 300 plekken, vrijwel uitsluitend seizoensplaatsen. ‘Veel campinggasten komen uit Den Haag en Amsterdam. Mensen met het hart op de tong. Ze vertellen duidelijk wat ze vinden, stellen directe vragen. Wij houden daar wel van. Zeker David, als geboren en getogen Rotterdammer. Zelf kom ik uit de Alblasserwaard, ik heb dat ‘stadse’ pas later ontwikkeld. Als iets in hun ogen niet goed is, zeggen ze het meteen. Maar ook als het wél goed is. Het kan zomaar gebeuren dat ze als het ware namens ons praten. Dan zit je in de snackbar, en dan hoor je iemand zeggen tegen een ander die ons nog niet kent: “Hee, dit zijn David en Carolien! Dit zijn hier voor ons; als er wat is, kun je bij hen terecht”.’

Knagen
Na een paar zomers als campingpastor actief te zijn geweest, voelden ze dat het na de vakantie bleef knagen. ‘Je reed weg aan het eind van die twee weken, en dacht: nu zien we deze mensen volgende zomer pas weer… Hoe tof zou het zijn als we hier vaker komen dan alleen in de zomervakantie? We merken dat we hier zó het verschil kunnen maken, de gesprekken verlopen makkelijk, we krijgen amper weerstand. Ook de eigenaar draagt ons een warm hart toe. “Zet de muziek maar lekker hard hoor!”, zegt zij tegen de Dabarteams bij hun activiteiten. Op de site maakt zij ook onverbloemd reclame voor het Dabarwerk.’

Een preek in hun thuisgemeente over Jezus die de schare herderloze schapen zag, daardoor geraakt was en verzuchtte dat de oogst wel rijp was maar dat het aan arbeiders ontbrak, gaf een extra duwtje. Inmiddels hebben David en Carolien een caravan gekocht, zodat ze op De Drecht hun eigen vaste plek hebben en ook wat vaker op de camping kunnen zijn.

‘In de zomer van 2018 waren we te gast bij een stel op de camping en voelden ons allebei erg op ons gemak op hun plekje en in hun caravan. Later zochten ze contact en vroegen ze of we misschien interesse hadden in hun caravan, die wilden ze verkopen. Ze wisten helemaal niet dat we met die gedachte speelden! De prijs was in eerste instantie aan de hoge kant voor ons, maar ze kwamen uiteindelijk precies met de prijs die wij in gedachten hadden. Afgelopen seizoen hebben we er voor het eerst geslapen en was deze plek echt voor ons. Sindsdien hebben we een paar keer een extra weekend op de camping doorgebracht. Nu zijn we nog meer één met de andere campinggasten.’

Openheid
De meeste campingbewoners kennen hen intussen en weten hen goed te vinden. Wat is er mooier dan mensen die spontaan met hun vragen op je af stappen? Zoals die drie tienerjongens die spontaan kwamen vragen of ze eens met ‘pastor David’ mochten praten. Ze kwamen ’s avonds bij David en Carolien langs. Ze stelden vragen over bijbelverhalen, maar ook over meisjes, over seks. Ze waren behoorlijk expliciet. ‘We waardeerden hun openheid enorm. Maar tegelijk was het schrijnend. Want blijkbaar hebben ze verder geen plek waar ze met hun vragen terechtkunnen.

Het drankgebruik is vaak enorm. Soms zit daar een heel verhaal achter. Zo spraken we met een man die het verlies van een ouder moeilijk kon verwerken en daarom zijn verdriet wegdronk. Een jaar later vertelde hij dat het gesprekje met ons, ook al was het maar 10 minuten, hem geholpen had. Inmiddels was hij gestopt met drinken.

Je moet hun wereld in durven stappen. Gewoon in de kantine zitten, met een biertje, een wijntje. Met André Hazes meezingen. Laten zien dat wij, net als zij, ook gewone mensen zijn.

We ontmoeten heel veel mensen die van huis uit katholiek zijn. “Je gelooft zeker omdat het van je ouders moest?” vragen ze dan. Als wij uitleggen dat dat niet het geval is, worden ze oprecht nieuwsgierig. We horen dat mensen het voor ons opnemen. “Nee, David en Carolien zijn anders, die dringen het je niet op”, zeggen ze dan.’

Applaus
De kerkdiensten op de camping worden maar door een handjevol bezocht. Maar andere activiteiten die David en Carolien organiseren trekken veel publiek. ‘Zo hebben we eens een bijeenkomst gehouden over verlies en ziekte. Er kwamen ongeveer dertig mensen op af. We draaiden Nederlandstalige muziek, er waren filmpjes. En we lieten ze nadenken over de vraag: Wat zou je doen als je nog een dag te leven had?

Bij zingevingsvragen als ‘waarom ben ik eigenlijk hier?’ staan de mensen zelden stil. Daarom was het zo bijzonder. We vroegen of ze dingen wilden opschrijven en met elkaar wilden delen. Eerlijk gezegd hadden we van dat laatste niet zo veel verwacht, maar het gebeurde wel! Zo ontstaat er ook iets van verbinding tussen mensen op de camping.’

Soms moet het gezin Antes even van de camping af, om de rust op te zoeken. Om bijvoorbeeld de herrie te ontvluchten die wordt veroorzaakt door de buurman die zijn tijd vooral drinkend en ruziemakend doorbrengt, begeleid door keiharde muziek. Groot was de verwondering toen het volgende gebeurde. ‘We hielden een avondsluiting bij onze caravan, en hij had de muziek écht hard gezet. Moest ik naar hem toe gaan? Ik ben maar gewoon op mijn gitaar gaan spelen. De buurman zette zijn muziek zachter en toen ik klaar was, klonk er uit de tuin naast ons applaus… Dan besef je weer: God, U moet het doen. En Hij doet het ook! Dat had ik niet kunnen bedenken, dat ik van de andere kant van de heg applaus zou krijgen…

Verfrissend
Het is zo verfrissend om in een niet-christelijke wereld te zitten. We ervaren zó veel van God. Ik heb me voorgenomen om iets meer lef te tonen. Zo vroeg David aan een vrouw die haar kleinkinderen niet meer zag, of we voor haar mochten bidden. “Ja graag!”, was het antwoord. Ook met het weggeven van bijbels zijn we voorzichtig. Een moeder had van een teamlid een kinderbijbel gekregen en kwam speciaal naar me toe om te vertellen hoe bijzonder ze het vond. Ze wilde hem elke avond gaan voorlezen. Je kunt een bepaald ongemak voelen bij dat soort acties, maar God doet soms nog grotere dingen dan je zelf verwacht.’

David en Carolien laten intussen ook hun intuïtie en creativiteit de vrije loop. ‘Als ik het gevoel heb dat ik met de buren een praatje moet maken, ga ik er even heen en vraag ik of ik misschien een blikopener kan lenen.’

Anneke Verhoeven