"Ik had stevig het gevoel dat ik daar wat te zoeken had"

Soms zijn er mensen die zomaar, 'als uit het niets', aanklampen bij de kerk. 'Het is alsof de Levende langskomt en hen op de schouder tikt', zegt ds. Paul Visser (Amsterdam). Hij vroeg één van hen zijn verhaal op te schrijven.

Dit is zijn relaas:

‘Niet lang na de dood van mijn vader, vijf jaar geleden, had ik besloten om atheïst te worden. Ik had al langere tijd last van een twijfel die steeds sterker werd. Het was heerlijk om los te zijn van mijn opvoeding en mijn eigen keuzes te kunnen maken. Alles kan, er is zo veel meer keuze en de wereld geeft altijd prikkels als je er naar zoekt. Ik verhuisde naar Amsterdam en na alles meegemaakt te hebben, kwam ik er achter dat het leven bar leeg kan zijn als je alles zelf in de hand denkt te hebben. Er brak een nare tijd aan waarin ik steeds meer last kreeg van wat ik om me heen zag gebeuren. De toenemende digitalisering van de samenleving en de daarbij horende individualisering. In rap tempo neemt nemen depressie- en burnout-verschijnselen onder jongeren toe en leven er steeds meer ouderen in grote eenzaamheid.

In die leegte zag ik, als atheïst, twee dingen die ons mensen bijzonder maken, namelijk, dat waar we uniek in zijn (onze identiteit) en dat waarin we met elkaar bezig zijn (liefde). Twee zaken waar in de samenleving steeds minder plaats voor is…

Warm bad
Op een regenachtige zondagmiddag in februari zat ik aardig in een dal qua algehele stemming. Ik ben toen thee gaan drinken in een café aan de Prinsengracht. Na zes glazen thee, het Parool en drie keer naar de wc besloot ik dat het welletjes was. Ik rekende af en liep naar buiten waar het ondertussen al donker was geworden. Toen ik langs de Noorderkerk liep zag ik dat er licht brandde, de avonddienst was net begonnen. Ik had stevig het gevoel dat ik daar wat te zoeken had en ik ben naar binnen gelopen. De dominee keek me vanaf de preekstoel vriendelijk aan en wees me een stoel voor in de kerk. Ik ging zitten en het voelde alsof ik in een warm bad stapte. De preek heeft me doen in zien in wat voor God christenen geloven. Geen man op een wolk met een baard zoals deze in de kinderbijbel omschreven staat maar een bundeling van al het goede dat we op deze wereld zien en ervaren. Bij het verlaten van de kerk schudde de dominee me de hand en vroeg aandachtig: ‘Ken ik jou ergens van?’ Ik heb toen ontkennend geantwoord maar dat we elkaar binnenkort nog wel eens gaan spreken…

Ik geloofde toen niet in God maar ik was wel op een totaal nieuwe manier geraakt door het christendom en deze zondagavond bleek een belangrijke stap te zijn geweest naar een bijzondere gebeurtenis die ongeveer twee maanden later plaats zou vinden.

Bijbeltekst-app
Begin april sprak ik met een zakenrelatie over de manier waarop de telefoon je leven kan beheersen en wat voor gevaren dit met zich mee brengt. Hij vertelde dat hij iedere ochtend wakker wordt met een paar verzen die via een bijbeltekst-app binnenkomen met daaraan de toevoeging dat je zelf de keuze hebt hoe je je telefoon gebruikt. Ik heb de app geïnstalleerd met de gedachte dat het vast geen kwaad kon en de volgende ochtend kwam de eerste tekst binnen. 2 Korinthe 4 vers 16 (zwaar vertaald): ‘’Daarom vertragen wij niet; maar hoewel onze uitwendige mens verdorven wordt, zo wordt nochtans de inwendige vernieuwd van dag tot dag.’’

Aanwezigheid
Ik snapte er he-le-maal niks van en begon stoïcijns aan de dag. Toen ik later die ochtend in de auto onderweg naar een klant was kreeg ik het bericht dat mijn oma stervende was. Ik ben er naar toe gereden en het bleek inderdaad een aflopende zaak te zijn. Toen ik ’s nachts zat te waken bij haar bed in het donkere stille verzorgingstehuis moest ik ineens denken aan die bijbeltekst en ik heb hem er bij gepakt. Ik snapte hem van begin tot eind en hij sloeg in als een bom. Mijn oma lag als een stervend kasplantje uit te beelden wat met de verdorrende uitwendige mens bedoeld word en ik kon merken dat haar geest op een andere manier aanwezig was dan haar lichaam. De geest sterft niet maar wordt steeds rijker en groeit. Terwijl ik verder las voelde ik ineens zeer sterk de aanwezigheid van mijn vader in de kamer en dat ontroerde me. Ondanks deze bijzondere gebeurtenis voelde ik tegelijkertijd een grote angst opkomen die me onrustig maakte en ik besefte dat dit mijn zonden waren. Ik heb toen naast mijn oma’s bed mijn handen gevouwen en voor het eerst in een aantal jaren weer gebeden en om vergeving gevraagd van wat niet goed was. Op het moment dat ik die woorden over mijn lippen had viel de angst letterlijk van me af en werd ik intens blij.

Onverklaarbaar
Ik ben absoluut geen zweverig type maar ik wist wel honderd procent zeker dat er in die kamer dingen gebeurden die ik niet kon zien en niet kon verklaren. Al het verdriet en vragen waren weg en ik zat breed te grijzen naast mijn oma’s bed. Ik kon alleen maar lachen.

Mijn oma heeft het stokje overgepakt waar mijn vader niet meer de kans kreeg om het door te geven aan zijn zoon. Toen dat gebeurd was is mijn oma die dag er op gestorven. God heeft me weer te pakken en hij gaat verder met Zijn werk dat doorwerkt in de lijn der geslachten. In dit geval in Amsterdam waar de vraag naar liefde enorm is. Prachtig!’