'God gaat zijn ongekende gang'

100 jaar Edinburgh – 75 jaar IZB

'God gaat zijn ongekende gang'

Op 26 maart 2010 zat ik in Zeist te luisteren naar een toespraak van Jacques Matthey, stafwerker bij de Wereldraad van Kerken in Genève. Op uitnodiging van de Nederlandse Zendingsraad was hij overvlogen naar Nederland om een en ander te vertellen over het belangrijke jubileum, dat aanstaande is, de viering van 100 jaar Edinburgh. Een eeuw geleden werd daar de eerste grote wereldzendingsconferentie gehouden en dat wordt dit jaar op allerlei wijze herdacht. In het begin van zijn redevoering vertelde Matthey, dat in 1910 34% van de wereldbevolking christen was en momenteel 33%. Meteen flitste het door me heen: dat schiet niet erg op. Ik was even in verwarring en hoorde enkele minuten niet meer zo goed wat hij verder zei.

Reden tot feest?
Op zaterdag 22 mei is er tijdens de Opwekkingsconferentie in Biddinghuizen een interculturele viering, waar de Nederlandse Zendingsraad ons hartelijk voor uitnodigt. Ook zijn we welkom op een feestelijk symposium op 11 juni (zie www.zendingsraad.nl). Maar wat valt er dan te vieren, wanneer we in een eeuw tijd niets zijn opgeschoten wat betreft het aantal christenen?
Eerst nog maar eens een paar getallen. In 1910 telde de wereld 612 miljoen christenen. Daarvan woonden er 500 miljoen in Europa en Noord-Amerika en 75 miljoen in Latijns Amerika. Er waren 1215 deelnemers aan de wereldzendingsconferentie, van wie slechts 19 uit Azië en Afrika kwamen.
Thans zijn er 2,3 miljard christenen; slechts 800 miljoen van hen wonen in Europa en Noord-Amerika.
Dit zijn getallen, die me een poosje stil maken en sterk te denken geven. Vooral wanneer ik lees hoe men in 1910 tegen de dingen aankeek. Wat een totaal andere tijd dan nu! Wat een optimisme heerste er toen. In de komende generatie zou heel de wereld voor Christus gewonnen kunnen worden, dacht men. Ik citeer uit een lezing van Wout van Laar voor de EZA: ’Het vertrouwen in de ideologische en financiële macht van het christendom was ongekend groot. De zendeling was de pionier van de westerse beschaving die streed voor uitbreiding van het territorium van het christendom; de taal was militant; woorden als ‘onbezette gebieden’, ‘strijdtoneel’ en ‘verovering’ werden veelvuldig gebruikt. De triomf van het christendom leek ophanden’.
Wie dat op zich in laat werken heeft weinig reden tot feestvieren nu, want dit militante westerse christendom is ongelooflijk op zijn gezicht gevallen. Kort na 1910 brak de Eerste Wereldoorlog uit en slachtten 10 miljoen jonge mannen elkaar af in de loopgraven van het christelijke Europa. Daarna volgde nog eens de Tweede Wereldoorlog, waarin het christelijke Europa 6 miljoen joodse broeders en zusters van Jezus vermoordde. Hier zijn eigenlijk geen woorden voor.

Nog meer vragen
Het christendom heeft zich verplaatst van Europa naar Azië en vooral naar Afrika. Dat is het wereldhistorische verschijnsel van de afgelopen 100 jaar. Dat had niemand in Edinburgh zo kunnen vermoeden. Wat weten wij mensen weinig. Wat weten ook 1215 geleerde en enthousiaste gelovige mensen, die uitvoerig gebeden hebben om de Geest, met elkaar nog weinig. Nu, 100 jaar later, mogen we dat wel opnieuw beseffen. Het is beter ons niet aan toekomstvoorspellingen te wagen. Het is alles Gods zaak. Hij gaat zijn ‘ongekende gang’. Ook zo, dat ik er soms grote moeite mee heb. Ik kom nog even terug op mijn schokervaring tijdens de redevoering van Matthey. Die had niet alleen te maken met het feit, dat we getalsmatig niets zijn opgeschoten de afgelopen honderd jaar, maar ook nog met iets anders. Het feit, dat het christendom nog een derde van de wereldbevolking bestrijkt is te danken aan het feit, dat met name Afrika een ongekende bevolkingsgroei heeft doorgemaakt en dat in Afrika de toename van het aantal christenen behoorlijk in de pas is gebleven met deze bevolkingstoename. Maar is die enorme bevolkingstoename in de wereld zelf niet een groot probleem? Ik vind van wel. Dat geeft me gemengde gevoelens bij de getallen. De teloorgang van het christendom in Europa vind ik dramatisch en de groei van de bevolking op het zuidelijk halfrond met alle grote problemen van honger, armoede en uitputting van de wereld vind ik ook dramatisch. Waar moet ik dan blij mee zijn, waarom moet ik feestvieren?

Gods ‘ongekende gang’
‘God gaat zijn ongekende gang, vol donk’re majesteit’, zegt gezang 447. Dit zou geen lievelingslied geweest kunnen zijn van de mensen in Edinburgh. Ze dachten de gangen van God aardig na te kunnen rekenen. We leven nu echt in een andere tijd. Alle ideologieën zijn stuk gebroken op de keiharde werkelijkheid. Het 19-eeuwse vooruitgangsgeloof, dat in 1910 nog volop aanwezig was, is compleet gesneuveld. En wat het christendom betreft, het heeft de vitaliteit van de andere grote wereldreligies, de islam, het boeddhisme en het hindoeïsme schromelijk onderschat. Het heeft modern westers vooruitgangsgeloof vermengd met gedachten over een heilsgeschiedenis, waarin Christus sprongsgewijs heel de wereld zou veroveren. Wie in dit soort gedachten nu nog zou willen blijven hangen, gaat onherroepelijk voor de bijl of hij leeft met oogkleppen op. Vandaag gaat het erom weer oog te krijgen voor God, die niet sprongsgewijs de wereld verovert via het christendom, maar die zijn ongekende gang gaat.
Daarbij kun je aan verschillende dingen denken. Wat zou Gods bedoeling zijn met het laten voortbestaan van de grote wereldreligies? Wij hebben daar geen antwoord op, maar het zal ongetwijfeld in zijn voorzienigheid een plaats hebben. Laten wij dan ook letten op wat er in die religies gebeurt. We kunnen dat doen door de dialoog aan te gaan. Het woordje ‘dialoog’ is onder ons nog vaak besmet, als zou je dan je eigen overtuiging inleveren, maar dat hoeft helemaal niet. Vanuit onze overtuiging, dat God in Christus zijn diepste woord heeft gesproken gaan we het gesprek aan met belijders van andere godsdiensten en zullen dan ook daar sporen van God ontdekken. En wellicht aanknopingspunten om Gods openbaring in Christus ter sprake te brengen.
Gods ‘ongekende gang’. Durf ik te blijven geloven, ondanks dat er zoveel bij mijn handen is afgebroken en ik tergende vragen heb, waarop geen echt antwoord is? Dat vind ik echt een kernvraag voor vandaag. Ik denk altijd, dat het voor de mensen in Edinburgh makkelijker was te geloven, omdat ze er ook een plaatje bij hadden, dat er heel mooi uit zag. Ze hadden een wereldkaart met allerlei gebieden , waar ze vlaggetjes plantten en zagen de veroveringen al voor zich. Ik heb dat niet. Integendeel, ik zit op de puinhopen van christelijk Europa en ik ervaar de wereldgeschiedenis als onbegrijpelijk in plaats van als zinvol en doelgericht. Ik vind dat heel erg lastig. Ik vind het heel erg lastig om alleen het woord van Christus te geloven en te gehoorzamen: ’Volg gij mij’, zonder verder ingevuld programma. Toch zal het daar nu op aan komen.

Vreugde
Wanneer ik hier ben uit gekomen, dan komt er toch ook ruimte voor vreugde en feest vieren. Want als één ding in de afgelopen honderd jaar is duidelijk geworden, is het dit: ondanks alle chaos, oordeel, verschrikklingen en menselijke strategieën die faalden , is toch de levende aanwezigheid van Christus is voor heel veel mensen werkelijkheid geworden. Cijfers over aantallen christenen zeggen me niet veel. Maar getuigenissen van christenen over hun levende Here des te meer.
Op deze wijze is de afgelopen eeuw toch bij uitstek een zendingseeuw geworden. Niet door de strategieën, die van achter tekentafels werden ontworpen. Niet door de inspanningen van grote zendingsorganisaties. Wel doordat mensen hun geloofservaringen deelden met anderen, dichtbij ,in alle eenvoud. Het was het geleefde geloof, dat overtuigde. Daardoor kwamen honderdduizenden tot geloof in Afrika, Latijns-Amerika, China en zelfs ook nog in Nederland.

75 jaar IZB
De IZB viert dit jaar haar vijf en zeventig jarig bestaan als een zendingsorganisatie binnen Nederland, die in de afgelopen jaren de kerk waarbinnen zij werkt alsmaar kleiner heeft zien worden. Ze kan geen vreugde ontlenen aan groeiscenario’s. Wel kan ze vertrouwen putten uit het feit, dat God zijn ‘ongekende gang’ gaat, hetgeen intussen geen willekeur is. God heerst in oordeel en genade. Onder zijn oordeel zullen wij buigen, maar tegelijk zullen wij weten, dat God in zijn oordeel niet ophoudt barmhartig te zijn. Ook vandaag is er in Nederland de ervaring van de levende Christus in ons midden. Mensen, die daarvan weten mogen zijn getuigen zijn. Dan gebeuren er ook vandaag verrassende dingen. We gaan niet voor grote getallen. We volgen Christus, de gekruisigde, die opstaat in zijn volgelingen. We volgen Christus, die de weg ging van het zaad. Het sterft in de aarde om zo vrucht te dragen. Vol verwondering zien we, dat in Nederland intussen 800.000 christenen van allochtone afkomst wonen. Zij zijn voor ons een teken van Godswege. Al zou er niet één autochtone Nederlander meer geloven, dan nog zou in hen Christus onder ons wonen. Samen met hen mogen we God danken tijdens de herdenking van 100 jaar Edinburgh. God zegent niet onze plannen, maar trekt zijn eigen plan. Zalig zijn we wanneer we daaraan geen aanstoot nemen, maar vragen om daarbij ingeschakeld te worden.

Drs. W. Dekker, hoofd vorming en educatie IZB

 

CBF-keur voor goede doelen