IZB![]() |
![]() |
|
|
Kerk voor de buurtToespraak dr. Arjan Plaisier bij de ontvangst van het boek van ds. René van LoonKerk voor de buurt Ik wil René van Loon van harte feliciteren met zijn boek ‘kerk voor de buurt’. Kerken in buurten zijn er in menigte. Er zij maar weinig buurten waar de kerk verdwenen is, is het niet de ene soort van kerk dan is het nog wel de andere. Maar is de kerk er ook voor de buurt? René van Loon gelooft daar hartstochtelijk in. Hij schreef een missionair boek. Het thema zit in de lucht, die gaat er bijna zwanger van. Er gaat een missionaire toer door Nederland die dertig modellen aan boord heeft en gemeenten wil enthousiasmeren. Deze week verscheen een Kaskionderzoek naar de presentie van kerken en moskeeën in 12 zogenaamde prachtwijken. Op dezelfde dag hield de VKB een symposium onder de titel: kansen voor kerken. Er wordt intensief en veelvuldig nagedacht over de kerk en haar roeping naar buiten, denk aan recente boeken van James Kennedy, Gerard Dekker, Henk de Roest en Stanley Hauwerwas. Het is goed, al deze reflectie, en ik hoop dat het missionaire elan erdoor zal versterkt worden. Al voorzie ik al een beetje het gevaar van oververzadiging aankomen. Het echte missionaire gehalte van de kerk niet afmeten aan het aantal boeken dat er over wordt geschreven. Daarmee zeg ik niets ten nadelen van de insteek van René van Loon. Die is eenvoudig, en presenteert zich niet al te model-achtig. De kerk moet er gewoon zijn voor de buurt. En wel, omdat de buurt de buren zijn en wij geroepen zijn onze naaste lief te hebben. Een christelijke gemeenschap heeft ook een naaste en dat is de buurtbewoner. Deze eenvoud is de kracht. Wat is liefhebben? Dat is liefhebben van de hele mens, van de mens in zijn tijdelijke en eeuwige dimensie, van de mens als enkeling en als samenlevende. Daarmee heb je aardig in kaart wat je als kerk voor de buurt doet. Je stelt je de kerk open als inloophuis omdat er eenzaamheid is, en nodig je mensen uit voor een Alphacursus. Je veegt de straat omdat een schone straat prettiger is dan een straat met rotzooi. En je nodigt mensen uit om gedoopt te worden. Het een speel je niet uit tegen het andere. Christus is gekomen om het leven te vernieuwen. Hij heeft de hele mens op het oog. Hij genas zieken en verkondigde aan armen het evangelie. Een christelijke gemeenschap straalt dit uit. De buurt is zendingsveld, zegt van Loon. Je moet nu gaan doen wat zendelingen deden in de rimboe. Daarmee breek je dus met elke idee van corpus christianum. Voor Capelle gaat dat op, voor Putten wat minder, denk ik. Voor dit concept heb je het nodig dat er eerst afstand is. En post-christelijk zal nooit helemaal met pre-christelijk te vergelijken zijn. Ik laat dit nu echter voor wat het is. De gedachte dat je een missie hebt in je eigen buurt is inzichtelijk en spreekt aan. Althans, nu. Van de buurt uit is het nieuw. Lang was er geen vuiltje aan de lucht. Een totale verzorgingsstaat ging uit van alleen maar gelukkige en tevreden burgers. En religie heb je dan niet nodig. Je dus zeggen: de buurt is veranderd. De buurt is zendingsveld geworden. Er zijn mogelijkheden en ontvankelijkheden die er lange tijd niet waren. En de kerk? Ook voor de kerk is het nog nieuw. Eens was de kerk onderdeel van de buurt, denk daarbij vooral aan de dorpssamenleving, maar denk ook aan de stad, aan de stadswijken. Dat is voorbij. De kerk heeft de reflex daarvan gevoeld, het werd óf ghetto, laat ze maar komen, of het werd verlegenheid, wat hebben we eigenlijk nog zelf in huis? Vervaging of verstening. De kerk is bezig te veranderen. Weg met de vrijblijvendheid, met het minderwaardigheidsgevoel, met de verlegenheid. De kerk is de plaats waar het evangelie wordt gehoord en geleefd, dat is volstrekt uniek. Maar met dat unieke mag je jezelf niet opsluiten, dan maak je van het evangelie een soort groepsmoraal of code en daar is het niet voor bedoeld. Het is wel de vraag of elke kerk wel in gelijke mate buurtgericht moet zijn. Een kerk die meer een keuzekerk is, en die een bepaalde doelgroep bindt, netwerkkerk, zal dat toch minder zijn. Al zal ook deze kerk zich de vraag moeten stellen of ze net zo goed op de maan zou kunnen zitten dan ergens op een plaats. Een kerkelijke gemeenschap is lijfelijk en plaatselijk, dat is in ieder geval een notie die heilzaam is tegen virtueel, zwevend en wervelend. De kerk en de buurt, de kerk voor de buurt. René van Loon schreef een boek op grond van ervaring. Dat is goed. Dat is beter dan het zoveelste concept van achter de tekentafel. Daarom geloof ik, ook op grond van de voorpublicatie, dat het een goed boek is. Ik hoop en verwacht dan ook dat dit boek zal helpen om ook echt kerk voor de buurt te zijn. Amersfoort, 27 maart 2010 |
|